Bestandsformaten voor print of drukwerk

uit de cursus I - Photoshop - De basis

Hallo vreemdeling,

wat leuk dat je onze site bezoekt. Bekijk gerust een paar video's en als het je bevalt kun je altijd abonnee worden.

Automatisch afspelen

Geef een reactie of stel een vraag

Geef een reactie

Registreer als je wilt reageren.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

I - Photoshop - De basis

perm_identity Belinda | video_library 36 video's | query_builder 02:30:07

Maak kennis met de interface en de werking van Adobe Photoshop. Leer hoe je door een document kun navigeren en krijg grip op beeldschermresolutie, print- en drukwerk resolutie, megapixels van de camera en de rendertechnieken die hierbij komen kijken.

De basishandelingen.

Eén van de eerste dingen die je wilt kunnen doen in Photoshop is het bepalen en maken van de uitsnede.  Maar ook hoe je extra canvas kunt toevoegen en ook hoe je afbeeldingen kunt rechtzetten en zelfs hoe je het perspectief weer kunt herstellen. Onmisbare kennis voor beeldbewerkers. Je leert in deze online training de belangrijkste transformatieopdrachten als roteren, spiegelen en schuintrekken. En ook de eerste beeldmanipulaties komen aan bod met het vervormen van beeld en selecties.  Bovendien wordt er in deze cursus uitgebreid aandacht besteed aan het begrip “resolutie” en hoe je deze resolutie in moet stellen voor schermproducties en printwerk.

 

Nu laat ik zien hoe je een afbeelding kunt opslaan als je deze wilt gaan aanleveren voor print of drukwerk.

Voor het opmaken van documenten voor boeken en bijvoorbeeld magazines.

Gebruik je van Adobe het programma InDesign.

Deze heeft een perfecte uitwisseling met native bestandsformaten van Photoshop.

Dat betekent dus dat de lagen hierin behouden blijven.

En je kunt zelfs in Adobe InDesign nog besluiten welke lagen je wilt tonen of verbergen.

Dus bewaar je het liefst afbeeldingen in het .psd formaat

Omdat je dan maximale uitwisselingsmogelijkheden hebt.

Maar het kan natuurlijk ook voorkomen dat je dit juist absoluut niet wilt.

Je wilt een definitief eindresultaat aanleveren.

Eentje die men niet zomaar kan wijzigen en/of aanpassen.

Dan raad ik je aan om sowieso alle lagen om te zetten in één laag.

Dit doe je via het optiemenu van het lagen-venster.

Kies dan voor de optie ‘Flatten Image’.

in mijn lagen-venster is op dit moment een laag verborgen.

Een waarschuwingsvenster vraagt mij of ik deze wil verwijderen.

Ik kies voor Cancel.

Zet deze laag aan. Ga opnieuw naar Flatten Image.

Alle lagen worden nu samengevoegd tot één laag.

Nu kan ik kiezen in welk bestandsformaat ik het document wil opslaan.

Ik ga naar File > Save As.

Vraag welk bestandsformaat men het liefst krijgt. Vaak is dat een .psd.

Maar soms ook wel een photoshop EPS of een TIFF.

De tif en de eps waren in het verleden het belangrijkste aanlever-formaat.

Voor verdere verwerking in opmaakprogramma’s.

Maar tegenwoordig is dat de .psd geworden.

Kies liever nooit voor het jpeg-formaat

Want deze heeft een destructieve comprimeer methode.

Dan worden er namelijk originele beeldpixels gewijzigd.

Om de bestandsgrootte zo klein mogelijk te maken.

En dat is juist niet wat je wilt voor print- en drukwerk.

De bestandsformaten jpeg, gif, png en svg.

Zijn bestandsformaten die je enkel gebruikt als je bestanden aanlevert voor web- en schermpublicaties.